Chaos en zelfordening

Voorwaarden voor zelfordening van chaotische systemen
op 07-02-08
door Hans Sietsma afdrukken van het content onderwerp creëren van een PDF bestand van het content onderwerp

Waarneming

De samenleving wordt steeds complexer. ruimtelijk, qua economie, in zijn bevolkingssamenstelling, in zijn mogelijkheden voor ontplooiïng en werk, etc. Complexiteit betekent dat oplossingen voor problemen steeds minder voor de hand liggen. Sturing wordt steeds lastiger. Belangenconflicten duiken sneller op. De reactie is vaak om de complexiteit te bestrijden met meer complexiteit in de vorm van regels, procedures, beleid, handhaving, convenanten, etc. Kortom, door nog meer complexiteit toe te voegen. Meer controle leidt op die manier tot verdere ontregeling.

Waarneming

Een jongere raakt aan lager wal: drugsgebruik, verkeerde vrienden, te weinig opvang thuis, teruglopende schoolprestaties, criminaliteit ligt op de loer. Een hulpverlener wordt erbij geroepen. Die start overleg met 15 andere hulpverleners: wijkagent, sociaal raadsman, jeugdhulpverlener, mentor van school, huisarts, ..... Binnen de kortste keren is iedereen met iedereen in overleg, met de beste bedoelingen de jongere te helpen. Maar concrete hulp blijft uit. Het systeem is in chaos.

Experiment

Experiment: neem 20 lampjes, laat ze in willekeurige volgorde, maar even lang aan als uit knipperen. Resultaat: chaos, althans: geen orde.
Stap2: verbind alle lampjes met elkaar, laat ze op elkaar reageren door pas aan te gaan als er minstens twee verbonden lampjes al branden. Resultaat: chaos.
Stap 3: beperk het aantal verbindingen van elk lampje tot 2. Resultaat: een ordelijk patroon van aan en uit gaan wordt vrij snel bereikt. Voor een systeem met 100.000 lampjes ontstaat na (slechts!) 317 stappen een stabiel patroon.
Stap 4: Beperk het aantal lampjes. resultaat: sneller orde.
Stap 5: Introduceer scheefheid, sommige lampjes zijn langer aan dan andere. Resultaat: nog sneller orde en regelmaat.

Drie eenvoudige parameters zijn dus van belang om uit een in beginsel chaotische vertreksituatie een regelmatig patroon te laten ontstaan, namelijk:
* aantal speler: richting de 20 spelers die allen met elkaar verbonden zijn wordt het al lastig om de chaos te bestrijden.
* aantal connecties: zolang iedereen met iedereen contact heeft en dat contact effect heeft op nieuw gedrag ontstaat weining tot geen orde. Het systeem blijft dan oscilleren.
* scheefheid: als iedereen evenveel invloed heeft duurt het veel langer voor er orde ontstaat.

Kritische noten
  • "regelmatig patroon" waarin eigenlijk: in de communicatie lijkt het. Kun je daarmee ook echt spreken van een geordend systeem.
  • "orde" is wel lekker voor het oog, maar wat voor effect heeft dit soort orde op de lampjes met minder invloed? Blijven die na verloop van tijd uit? M.a.w.: creëer je door dit soort manoeuvres niet eigenlijk een systeem met meer- en minder machtigen dat zichzelf in stand houd. Leidt dat dan niet tot geklaag en ontevredenheid?
W. de Jager, Organiseren in een samenleving van verbindingen, Managementconsultant, 2003.